Ook dit jaar weer hadden de families Talsma en Thielen besloten Noorwegen
aan te doen. In 2006 hadden zij in het voorjaar Hitra en in het najaar
het iets zuidelijker gelegen Ekilsoy bezocht. Omdat de vrouwen en kinderen
weer eens meegingen werd goed gezocht naar een locatie waar in de omgeving
ook gezinsactiviteiten ondernomen konden worden. Na veel informatie
te hebben ingewonnen viel onze keuze op de regio in de buurt van Bergen.
Juist nadat onze keuze daarop was gevallen kwam ook “De Kampioen”
van de ANWB met een reportage over Bergen. Enige nadeel was dat het
in Bergen 366 dagen van het jaar zou regenen. Wij lieten ons hierdoor
niet afschrikken en boekten via Landall/Novasol twee huisjes in het
hele kleine plaatsje Lepsøy, zo’n 40 kilometer van Bergen.
Op 26 april 2007 vertrokken wij met de auto. In Puttgarten/Duitsland
staken wij met het veer over naar Rodby/Denemarken en vervolgens namen
we vanuit Denemarken de brug naar Zweden (Malmo). Van daaruit reden
we op Oslo aan waarna we over de A7 geleidelijk afbogen richting de
kust. De route vanaf dat moment was schitterend. We kwamen door mooie
skigebieden waar vaak nog erg veel sneeuw lag en wij soms langs metershoge
muren van sneeuw reden. In de gebieden er omheen, waar de sneeuw aan
het smelten was, konden we erg mooie, vaak immense watervallen aanschouwen,
soms tegen een voorgrond van mooi lentegroen. In feite hadden we iedere
kilometer kunnen stoppen en een natuurreportage kunnen maken, zo mooi
was dit alles.
Wij kwamen op 27 april 2007 in een zonovergoten Lepsøy bij de
huisjes aan. Ook hier troffen we het weer. Splinternieuwe huisjes, voorzien
van alle comfort en een gezellige hulpvaardige eigenaresse. Ook de bootjes
die door ons besproken waren zagen er goed uit. Met de 10 pk motoren
wisten deze bootjes daar toch nog hoge snelheden te behalen.
Uiteraard gingen we direct na het uitladen van de auto’s vissen
en op zeer korte afstand van de huisjes wisten we al direct diverse
mooie koolvissen te haken. De stekken die vis gaven werden door ons
door middel van de handgps gemarkeerd en de volgende ochtend bezochten
wij die stekken dan nog eens. Ook werden er met succes andere stekken
verkend en na een paar uurtjes vissen was er een indrukwekkende partij
koolvissen gevangen met daarnaast een enkele polak en leng. Met behulp
van onze echtgenotes werden de vissen steeds vakkundig en snel gefileerd
en opgeborgen.
Op 28 april bezochten wij het nabijgelegen Bergen hetgeen wellicht ook
door het (aanhoudende) mooie weer een bijzonder aangenaam uitstapje
was. Er lagen diverse mooie schepen in de haven van Bergen en ook het
schip van Greenpeace kwam net aan. Bijzonder mooie aanblik gaven de
bekende kleurige houten handelshuisjes hieronder op de foto te zien
vanaf de overzijde van de haven.
Er waren erg veel bezoekers die dag hetgeen maakte dat het een gezellige
drukte was op de terrasjes. Ook het wandelen op de vismarkt was erg
aangenaam. Van een Belgische medewerker van een viskraam mochten wij
een stukje gerookte walvis proeven dat eigenlijk best lekker smaakte.
Al met al was en is Bergen de moeite van een bezoek zeker waard!
Vroeg avond gingen we weer vissen met twee bootjes. Van een plaatselijke
monteur hadden wij een tip gekregen om op een bepaalde plaats te zoeken
naar een ‘berg’onder water met als ondiepste punt zo’n
30 meter. Met behulp van onze handgps en de eveneens van huis meegenomen
dieptemeter/fishfinder lukte het ons deze stek te vinden. Vanaf dat
moment ontstond een waar visfestijn. We kregen direct een serie aanbeten
van voornamelijk koolvissen, vaak van fors formaat (50-70 cm). Zodra
de aanbeten afnamen legden wij de boot weer bij de oorsprong van de
drift waarna het festijn van voren af aan begon. Tussen de koolvissen
door werden ook diverse mooie exemplaren van polakken gevangen. In bijzonder
korte tijd hadden we twee grote kratten met vis gevuld en moesten we
wel vertrekken om niet in het donker te moeten fileren. De visslachtruimte
was daar namelijk buiten en was slecht verlicht.

De huisjes waren overigens voorzien van een koelkast met daaronder een
vriesgedeelte dat ruimte gaf aan drie laden. In feite hadden we na twee
dagen al een tekort aan vriesruimte en de eigenaresse bood dan ook aan
dat we gebruik maakten van de immense vriesruimte die zij in het nabijgelegen
winkeltje had. Wij maakten daarvan dankbaar gebruik.
Ook in de dagen die volgden bleef het vissen een waar genot. We konden
naar hartelust experimenteren met materialen en vismethoden. Het beste
werd er gevangen met licht materiaal. Een lichte hengel met een lengte
van zo’n 2.70m tot 3.00m voorzien van molen met gevlochten draad
van zo’n 10/00 tot 16/00. Als onderlijn namen we een stuk fluor
carbon van zo’n 42 mm met aan het uiteinde een kleine wartel waaraan
een lichte pilker werd bevestigd (75-125 gram). Soms wierpen we de pilker
uit en soms lieten we hem gewoon vallen. Als de pilker de bodem bereikt
had haalden we deze op redelijke snelheid binnen waarna vaak een aanbeet
volgde.

De shad met jigkop leverde weinig aanbeten op, evenals de leng/lom-onderlijn,
dwz
de wapperlijn met fluoriserende slang met aan het uiteinde een kunstinktvisje
waaronder zich een haak bevindt die dan voorzien is van een stukje vis.
Weliswaar vingen we diverse lengen, doch steeds met pilker.
Ook de kleinsten onder ons konden overigens vissen. De huisjes bevonden
zich namelijk boven het water zodat vanaf de veranda voor de huisjes
een lijntje in het water kon worden gelaten. Een garnaaltje als aas
deed het bijzonder goed. Telkenmale was het prijs en onder de gevangen
vissen bevond zich onder andere de hieronder getoonde koekoekslipvis,
gevangen door de trotse Stin. Ook de kleine Simon was blij met z’n
visje.

Een dag hadden we uitgetrokken voor een bezoek aan het plaatsje Flåm.
Van daaruit gaat namelijk een treintje vrij steil de bergen in langs
mooie natuurtaferelen. Diverse keren hadden we over deze treinrit gelezen
als zou het bijzonder spectaculair zijn. De reis naar Flåm was
schitterend. Er moesten hoge bergen worden beklommen die steeds werden
gevolgd door prachtige afdalingen. We passeerden weer diverse mooie
watervallen en taferelen zoals die, hieronder afgebeeld op de foto.
Even hebben we nog koffiegedronken bij een haven aan de smalste fjord
van Noorwegen. Ook daar was het erg mooi. Van daaraf was het niet meer
zover naar Flåm. Hoewel de treinrit erg mooi was, hadden we op
grond van hetgeen we gelezen hadden, hogere verwachtingen gehad. Desalniettemin
hadden we deze dag niet willen missen. Hieronder is overigens nog een
van de watervallen te zien die tijdens de treinrit kan worden aanschouwd.
Ook de laatste dagen van ons verblijf werd er volop gevist. De vangsten
werden in feite alsmaar beter. We leerden het viswater steeds beter
kennen en we verstonden op een gegeven moment de kunst de boot dusdanig
te manoeuvreren dat alleen grotere exemplaren werden gevangen. Omdat
we veel te veel vis kregen werden de relatief kleinere exemplaren door
ons ook steeds teruggegooid. Desondanks gebeurde het dan toch dat we
in enkele uurtjes drie kratten vol met vis hadden gevangen en omwille
van het schoonmaken terug naar de huisjes moesten.

Wij hadden overigens gedacht dat zuidelijker in Noorwegen het vissen
minder zou worden. Dit bleek dus absoluut een onjuiste gedachte, zeker
indien wij een vergelijking maakten met ons vorig visverblijf te Ekilsoy.
Wel hebben wij het idee dat noordelijker grotere vissen gevangen kunnen
worden. Opmerkelijk was dat de vangst voornamelijk bestond uit koolvis
en dat er slecht één kabeljauw werd gevangen.
Op 4 mei vertrokken we weer huiswaarts met een enorme partij ingevroren
vis. De terugreis verliep weer even vlot en was mede vanwege de mooie
natuur tot aan Oslo prachtig. We hadden nu overigens de A40 terug genomen
en waren zo in staat de drukte van Oslo te vermijden door onder Oslo
door te rijden. Na zo’n 23 uur rijden waren we weer thuis waarmee
er weer een einde kwam aan een schitterend visavontuur.
Johan Thielen
jmaj.thielen@hetnet.nl