SÆTERVIKA 2008
In de namiddag van 6 september 2008, daags na ons vertrek vanuit Geldermalsen,
kwamen we na een reis van zo’n 25 uur, aan bij ons huisje in het
Noorse dorpje Sætervika (gemeente Osen). Een prachtig huisje (rorbu
9) in een idyllische baai. De eigenaar, Rune genaamd, was snel gevonden
en bleek een super vriendelijke en hulpvaardige man. Hij wees ons snel
de weg en gaf alvast wat eerste instructies.
De bootjes waren ook perfect. Bootjes zoals we die eerder ook al eens
hadden gekregen in het iets zuidelijker gelegen Hitra. Aluminium, welhaast
onverwoestbaar en uiterst stabiel. Toch ook erg wendbaar en met de 50
pk yamaha-motor snel voortbewegend. De boten waren voorzien van een
dieptemeter doch niet van een GPS. Die waren volgens Rune niet nodig.
Oriënterend op een aldaar aanwezige vuurtoren kon je immers overal
de weg terugvinden, zo werd ons duidelijk gemaakt. Wel kregen we nog
waterkaarten en daarbij aanwijzingen voor het vinden van de betere visstekken.
Er zou met name veel makreel zitten volgens Rune. Hij zei dit op een
manier die veronderstelde dat we door die mededeling erg blij moesten
worden. Wellicht dat Duitsers graag makrelen uit Noorwegen meenemen,
maar wij kwamen toch echt voor andere en grotere soorten!
Op een zonnig terras werd lekker bijgekletst terwijl de eerste (gekoelde)
biertjes van de meegenomen voorraad werden aangesproken. Het visgevoel
kriebelde dusdanig dat Jan, Wim en Johan toch vrij snel als eersten
met bootje 7 het water op gingen. Bedoeling was het fjord in te gaan
om daar enkele aasvisjes zoals makreeltjes te vangen om vervolgens daarmee,
met de gehele groep, grotere vissen te gaan vangen.
Met licht materiaal werd er even leuk verkennend gevist. Na zo’n
1,5 uur vissen bestond de vangst van dit bootje uit een diverse koolvisjes,
makreeltjes, een gewone (grauwe) poon, een rode poon, een polakje, een
mooie kabeljauw en een mooie grote geep, een soort waarvan we er later
geen meer zouden vangen.
Bij terugkomst bleken Simon, Hendrik Jan en Theo met boot 8 te zijn
uitgevaren. Zij waren iets meer richting open zee gaan vissen. Toen
zij terug kwamen konden zij eveneens vangsten van diverse vissoorten
melden . Zij hadden namelijk diverse mooie makrelen gevangen, schelvis,
leng, lom, koolvis en een roodbaars. Met name Theo was erg in zijn nopjes.
In zijn eerste uur vissen in Noorwegen had hij toch al zo’n 5
tot 6 vissen gevangen.
We waren natuurlijk allemaal zeer moe en er werd die dag dan ook niet
meer gevist. Nadat wij hadden genoten van een heerlijk Indisch gerecht,
voorgezet door onze meegereisde kok, Wim, werd er gezellig geborreld.
We kregen daarbij nog gezelschap van een Fin die in een van de andere
huisjes verbleef. Ook Rune kwam nog even gezellig bij ons zitten. Hij
liet die avond ook nog ‘Per’ opdraven, een dorpsgenoot die
ons een keer op zijn charterboot mee kunnen nemen. Ook Per bleek een
en al vriendelijkheid en deed lekker een biertje mee.
De eerste echte visdag
De volgend ochtend werden Saskia en Simon al vroeg gewekt door schreeuwende
en krijsende meeuwen. Enkele van ons, die verder anoniem willen blijven,
hadden namelijk het visafval van de dag tevoren onbedekt onder hun slaapkamerraam
gezet. Dit betekende natuurlijk dat ook de rest er vroeg uit moest.
Om 7.00 uur zaten we dan ook al in onze bootjes op weg naar het eilandje
met de vuurtoren, dat op zo’n 30 minuten varen lag. Aldaar werden
aan alle kanten diverse driften gemaakt. Op de boot van Johan waren
er voortdurend discussies. Dan wist Jan en dan wist Wim weer beter hoe
we moesten driften. Resultaat was uiteindelijk dat deze boot een beetje
doelloos ronddreef. Toch konden er enkele mooie vangsten worden geregistreerd
van kabeljauw en polak.
De andere boot had het voordeel dat zij de GPS van Johan aan boord had.
Deze gelukkige vissers konden steeds feilloos terugkeren naar de vangstplek
en wisten uiteindelijk dan ook meer vangsten te melden. Zij hadden tal
van mooie polakken weten te haken waarvan de meesten met gebruikmaking
van shads. Met licht materiaal werden de shads in hoog tempo binnengevist.
Met name Theo wist zich hierin te onderscheiden. Helaas werd ook hij
misselijk van dit onverwachte succes en besloot hij op enig moment de
vissen te gaan voeren.
Na een korte middagpauze werd uitgevaren naar een andere stek die op
de waterkaart als ‘goed’ aangemerkt was door Rune. Een ondiepte
variërend van zo’n 30 tot 60 meter op open zee.
Ook op deze stek werden door beide bootjes diverse mooie vissen gehaakt.
Hoewel er ook wel weer polak werd gevangen, waren nu de kabeljauwen
in overtal. Iedereen ving wel een groot exemplaar en Johan wist dan
ook met zijn camera diverse drillen, zowel in het ene als in het andere
bootje, vast te leggen. Kampioen van deze middag was toch wel Theo,
die een kabeljauw van 97 cm wist binnen te slepen.
Direct na terugkomst werd gestart met het verwerken van de gevangen
vis. Ieder begreep zijn taak en een geoliede machine ging in werking;
messen slijpen, fileren, ontvellen, spoelen, verpakken en invriezen.
Bij dit proces bleek overigens dat de Duitsers enkel vissen stonden
te verwerken die wij steeds als ondermaats overboord hadden gegooid.
Zij deden dit overigens wel met Zwitserse precisie.
Onze bolle Sæetervikaan ‘Per’ was tussendoor ook nog
komen kijken om nog even de laatste stand van zaken door te geven met
betrekking tot de weersgesteldheid en zich ervan te vergewissen dat
we toch zeker de volgende dag met hem mee zouden meegaan. Gezien de
bewonderde blik die hij wierp op onze kratten vis, hadden we het kennelijk
niet slecht gedaan. Afgesproken werd de volgende ochtend om 9.00 uur
uit te varen.
Voor een korte filmimpressie van een aantal vangsten van deze dag “klik
hier”
Een grootse visdag met de ‘Svellungen’
Iets later dan gepland vertrok onze boot die de naam ‘Svellungen’
had gekregen. Naast ons Hollands gezelschap gingen er nog twee Finnen
mee De ene greep al in het eerste kwartier varen naar zijn fles whisky
en even later zouden beiden overgaan tot het nuttigen van diverse blikjes
bier. Uiteindelijk konden enkelen van ons dan ook genieten van een brakende
en spuwende Fin die het braaksel iets te vroeg, dus op de boot, loste…..
Na twee uur te hebben gevaren waren we aangekomen op onze eerste stek.
Hoewel daar direct een aantal mooie grote kabeljauwen gevangen werden
was het niet echt spectaculair. Toen enige tijd geen aanbeet meer kon
worden geregistreerd besloot Per maar te verkassen. Dit tafereel werd
die dag vele malen herhaald.
Er werden tijdens al die driften ook wel weer veel kleinere, met name
koolvissen gevangen. Een paar keer zorgde juist een kleine koolvis aan
de pilker weer voor de vangst van een grote kabeljauw. Ook werden er,
met name door Hendrik Jan, nog tal van lommen gevangen. Theo leverde
ook zijn bijdrage aan de gevangen soorten; Hij wist namelijk met zijn
shadje een zeemeeuw te haken waarna hij de vliegerkunst mocht beoefenen.
Een aantal mensen van ons gezelschap verspeelden die dag nogal wat materiaal.
Bijzondere vermelding hierbij verdient toch wel onze vermaarde ‘big
game’-visser Wim, die het voor elkaar kreeg tot drie maal toe
een grote vis te verspelen door de lijn te laten breken. Ook Hendrik
Jan verloor veel materiaal. Hij had ook wel bijzonder veel tegenslag.
Zelfs toen hij uit voorzichtigheid slechts halverwege de totale diepte
ging vissen kwam hij nog aan de grond vast te zitten (?). Een keer wist
hij een oud vistuigje van een Zweed op te halen waarmee hij Wim weer
van visgerei voorzag. Dit had hij misschien beter niet kunnen doen.
Enige tijd later namelijk zaten beiden mannen, de een aan bakboord en
de andere aan stuurboord, onder de boot in elkaars lijnen vast en hebben
zij elkaar ongeveer 45 minuten staan binnendrillen. Hendrik Jan zou
overigens voor alle tegenslag nog wel beloond worden met een schelvis
van maar liefst 60 cm.
Tijdens een van de driften deed Simon, die ook al een mooie roodbaars
had gevangen, nog een opmerkelijke vangst. Pilkerend op de bodem kreeg
hij plots een mooie aanbeet. Simon startte met binnenhalen en voelde
daarbij weliswaar het nodige gewicht aan zijn hengel doch niet echt
de bewegingen van een vis die nog voor zijn vrijheid vecht. In de woorden
van Simon was hij ‘een vuilniszak aan het ophalen’.
Na enig takelwerk kwam de vangst boven. Een aantal van ons die de mysterieuze
vangst boven zagen komen, sprongen geschrokken weg….de grote lelijke
kop van een forse zeeduivel was namelijk boven de waterspiegel verschenen.
Uiteraard bewaarde Simon kalmte. Behoedzaam werd het bakbeest met behulp
van Per aan boord gehesen waarna Simon direct een vreugdedansje maakte
en trots zijn 9 kilogram zware zeeduivel aan alle fotografen en filmploegen
toonde. Zijn dag was eigenlijk al geslaagd.
De tijd waarvoor wij de boot hadden afgehuurd verstreek allengs terwijl
wij niet eens de vangsten van de vorige dag hadden geëvenaard.
Kennelijk voelde Per zich hierover schuldig want hij bleef aanleggen
en driftjes maken. Helaas kwam er niet veel vis bij.
Toen het langzaam donker dreigde te worden kon Per niet anders dan de
pijnlijke beslissing te nemen om weer huiswaarts te gaan. Toen we echter
na enig varen teruggekomen waren in ons bekende wateren, vroegen we
of we misschien niet toch nog een driftje konden maken. Onze vriendelijke
en altijd lachende Per liet zich snel overhalen en bracht de motor even
later tot stilstand.
Al vrij snel werd op het achterdek een eerste serieuze beet geregistreerd.
Halverwege het binnenhalen greep een vis de pilker om vervolgens behoorlijke
klappen op de top te geven en zo’n honderd meter lijn mee te nemen.
Na een lange dril waarin de vis nog diverse keren lijn zou nemen, gaf
hij zich over. Het bleek om een groot exemplaar koolvis te gaan. Kort
na deze vangst beleefde men op het voordek eenzelfde avontuur waarbij
het wederom om een koolvis handelde. Dit zou zich nog tweemaal herhalen
waarna het even stil viel. Juist toen wij Per hadden gevraagd of hij
diezelfde drift nog eens wilde maken sloeg weer een koolvis toe op de
pilker van Simon. Vervolgens ontstond een waar gekkenhuis. Het Hollandse
gezelschap had naar aanleiding van de kreten van de vangers, de vistechniek
aangepast en plots had eenieder een aanbeet. Er was kennelijk een school
grote koolvissen die met de boot mee bleef zwemmen, misschien wel de
gehaakte koolvissen bleef volgen.
Iedereen stond met een kromme hengel en gierende molen die gedwongen
werd de gehaakte vis lijn te geven. Van alle zijden klonken enthousiaste
kreten en overal prijkten blije gezichten bij het drillen van de 8 tot
12 kilogram zware koolvissen, die over het algemeen zo’n 90 tot
100 cm groot waren. De drillen duurden over het algemeen zo’n
10 tot 20 minuten. Vaak namen de koolvissen dusdanig veel lijn dat zelfs
de inferieure onderdraad, bedoeld ter opvulling van de molen, gebruikt
moest worden. Ook dit leidde dan weer tot spanning. Zou de lijn en de
verbindingsknoop het wel houden?
Sommigen onder ons moesten van vermoeidheid na zo’n drie tot vier
drillen afhaken. De Finnen overigens hadden daar niet zo’n last
van. Zij hadden de in het Nederlands geroepen aanwijzingen niet kunnen
volgen en bleven dan ook nagenoeg geheel verstoken van aanbeten….haha
Toen we uiteindelijk zo’n zeven bakken vol met vis hadden en het
ook werkelijk donker was geworden, namen we in onderling overleg met
Per het besluit huiswaarts te varen. Dit overigens terwijl de koolvis
nog wel door wilde gaan!
Het moge duidelijk zijn dat we bij aankomst veel bewondering oogstten,
niet alleen van Saskia, die de mannen met een rugzak bier kwam binnenhalen,
maar ook van andere aldaar aanwezig Duitse vissers. Simon bleek uiteindelijk
de grootst gemeten koolvis te hebben gevangen. Deze was 106 cm groot
en woog 13 kg. Toen Johan wilde overgaan tot het meten van de koolvis
die hij tesamen met Hendrik Jan had gevangen (overname tijdens dril)
bleek dat een van de andere vissers, die kennelijk anoniem wilde blijven,
deze maar even snel had geslacht. Mogelijk was het een van de Finnen
geweest die enkele koolvissen uit onze bak had geplukt….hoho!
Nadat iedereen Per persoonlijk en uitgebreid had bedankt en Simon hem
ook nog een goede fooi had gegeven voor zijn toewijding, gingen we over
tot het verwerken van de vis. Ons gezelschap ontpopte zich weer als
een waar visverwerkingsbedrijf, een geoliede machine waarin iedereen
zijn taak vervulde. Vanwege de grote hoeveelheid vis duurde het desalniettemin
uren voordat alle gefileerde vis zijn weg in de vriezer had gevonden.
Iedereen was dan ook erg moe toen we rond de klok van 0.30 uur (!) aan
het eten konden beginnen. Diversen onder ons vonden daarna nog de kracht
de succesvolle dag met een drankje te vieren.
Voor een korte filmimpressie van enkele vangsten van deze dag “klik
Hier” (hier hyperlink naar http://www.youtube.com/watch?v=areIncz-q-I)
8 september 2008, een (maan)dag om bij te komen
Deze dag sliep iedereen natuurlijk lekker uit. Eenmaal uit bed bleek
de vorige dag duidelijk zijn sporen te hebben achtergelaten. Iedereen
was toch wel moe en sommigen ziek, zwak en misselijk. Er werd in de
ochtend wat gewandeld door het dorp en toen weer wat geluierd en gegeten.
Er werd wel wat gevist maar er werd niet ver uitgevaren. De zee was
namelijk onrustiger geworden. Mede hierom werd er ook weer in het nabijgelegen
fjord gevist. Hoewel de vangsten die dag niet spectaculair waren, werden
er toch weer diverse mooie polakken gevangen.
Aan het eind van de dag werd het gezelschap opgesplitst. Een groep besloot
elanden te gaan bezichtigen in de bosrijke omgeving, de andere groep
besloot achter te blijven. Hendrik Jan en Johan gingen op de pier, die
de afscheiding van de baai vormde, vissen met lichte pilkertjes. Diverse
meesten pilkertjes moesten helaas achtergelaten worden op de bodem van
de Noorse zee, hetgeen met name bij Hendrik Jan, die toch al met zware
verliezen te kampen had, zwaar aankwam.
De elandspotters hadden juist op een moment dat ze de hoop al hadden
opgegeven, in de schemer een moeder met haar jong gezien. Zij kwamen
dan ook enthousiast terug waarna er gezamenlijk zuurkoolstamppot met
spek en worst werd gegeten. Daarna zakte iedereen er lekker onderuit
om te kijken naar de film Noorwegen XXL van Joop Folkers die weer wat
noordelijker in Noorwegen was opgenomen.
Pilkers gevraagd
De volgende dag, te weten dinsdag 9 september2008, zou Theo met het
vliegtuig vanuit Namsos vertrekken. Hij ging dan ook niet meer mee vissen.
Juist voor het afvaren van de boten 7 en 8 werd er dan ook uitgebreid
afscheid van hem genomen.
Eerst voeren we naar de stek die wij als plan B aanduidde en op zo’n
1,5 km varen lag. Dit in een poging enkele aasvisjes te vangen. Dit
liep ook gesmeerd. In vrij korte tijd werd een behoorlijke partij makreel
gevangen terwijl Johan als bijvangst ook nog een mooie kabeljauw wist
te haken. Vrij snel kon er dan ook weer worden doorgevaren naar het
vuurtoreneiland waar volgens Hendrik Jan de hel begon. Terwijl we zo
nu en dan keken naar de schilders die bezig waren de vuurtoren te schilderen
werden er tal van driften gemaakt op diverse plaatsen. Aanvankelijk
vielen de vangsten tegen, maar na enkele plaatsen te hebben afgevist
vond boot 7 van Jan, Johan en Simon de stek. Boot 8 had ook wel een
stek doch daar ving men geen knoop aldus Hendrik Jan. Wel was die stek
verzot op het mooie materiaal van deze vissers. Opgetekend werd:
Boot 8 begreep de vissport niet helemaal. Na 2 kleine koolvisjes verloren
we pilker 1, waardoor we er nog 25 hadden te gaan. Na 4 koolvisjes en
ene worm (lom) ging pilker 2. Na 3 koolvisjes en 3 lommen ging pilker
3 enz enz. Uiteindelijk bereikten we de totale score van 25 pilkers.
Wim wilde solidair zijn met Hendrik Jan en gooide zijn pilkers daarom
maar zo overboord. De doelstellingen werden bijgesteld: niet meer zo
veel mogelijk vis vangen, maar zo snel mogelijk de uitrusting dumpen.
Ondanks alle tegenslag wist Wim tussendoor wel weer een nieuw soort
te vangen, te weten een doornhaaitje. Met zijn lichte hengel had hij
genoten van de dril.
Toen boot 7 van die vangst hoorde werd boot 8 direct van haar plaats
verdrongen. Tijdens de driften die toen gemaakt werden wist Simon telkenmale
een mooie polak te haken. Ook Jan lukte dit diverse malen doch steeds
weer gebeurde er iets waardoor hij de vis verloor. Wij zullen hier niet
verder over uitweiden. Johan had besloten zwaarder te vissen met de
heilbotonderlijn. Dit leidde tot de vangst van diverse grote lommen
en twee mooie exemplaren doornhaai, waarvan de grootste één
meter lang was. Later ging hij mee pilkeren en wist ook nog diverse
polakken te pakken.
Boot 8 was op enig moment door haar uitrusting heen en verliet vroegtijdig
het visgebied richting het huisje. Even later kwam echter het telefonisch
bericht dat zij zonder olie op open zee aan het dobberen was. Alsof
er geen einde wilde komen aan de pech van deze mannen. Direct werd een
reddingsoperatie ingezet. Eenmaal in de buurt van de huilende mannen
aangekomen werd natuurlijk eerst nog even gas bijgegeven en gedaan alsof
we hen niet zagen. Zij waren echter zo zielig dat we die grap maar snel
afgekapt hebben. Na boot 8 van olie te hebben voorzien werd onderweg
naar het huisje nog even een stek aangedaan waar nog mooie kabeljauw
werd meegenomen.
Teruggekomen bij de huisjes werd bij een biertje lekker gebakken vis
gegeten. Tussendoor waren er weer fotosessies waarbij Johan zich op
enig moment prikte aan een doorn van de doornhaai. Aanvankelijk werd
hieraan weinig aandacht geschonken. Toen we echter even later met de
kratten vis naar de schoonmaakruimte liepen klonk het vanuit het huisje:
“Johan de doornen van een doornhaai zijn giftig!”. Ondanks
het feit dat Simon nog had gezegd met die mededeling even te wachten
tot Johan klaar zou zijn met het schoonmaken van de vis, had Hendrik
Jan niet kunnen wachten met de informatie die Saskia op internet had
gevonden. De vaste lezer van deze verslagen zal overigens duidelijk
zijn dat Johan niet koud of warm werd van dit nieuws. Alsof er niets
aan de hand was ging hij door in een poging nog voor zijn dood de vis
voor zijn vrienden te verwerken. Nieuw voor ons was overigens wel het
schoonmaken en fileren van de doornhaai. Deze heeft geen graten maar
enkel een soort ruggewervel die vrij makkelijk te verwijderen is.
Hendrik Jan en Simon gingen ‘s avonds nog even met lichte hengels
op de rotsenpier vissen. Hendrik Jan ving daarbij een mooie polak die
hem direct alle ellende van de dag deed vergeten.
Even tijd voor wat anders
De Woensdag begon erg winderig en wel dusdanig dat het uitgesloten was
ver de zee op te gaan. Er werd dan ook maar even in de nabijheid van
onze baai gevist. Ook dat was echter geen succes . Zelfs in het fjord
bleek de wind zo sterk dat zelfs in de luwte van een eiland de boot
zo snel afdreef dat goed vissen erg moeilijk was. Al snel gingen de
bootjes dan ook terug naar het huisje voor een heerlijke kop koffie.
De wind wakkerde alsmaar aan en besloten werd dan ook niet meer uit
te gaan. Zelfs in onze baai ontstonden er op een gegeven moment witte
koppen op het water. Op enig moment ontstond er ook wat commotie rondom
het feit dat er nog een tweetal Duitse vissersbootjes niet binnen was.
Zij zouden echter veel later, badend in het angstzweet, toch nog veilig
binnenkomen. Dit voorval bracht in herinnering dat Per had verteld dat
er hier kort geleden vier Duitsers waren omgekomen toen ze verrast waren
door hevige wind. Toevalligerwijs valt er op de internetsite van de
Eurovissers ook een verslag te lezen waarin melding wordt gemaakt van
vier Duitse vissers die bij Trondheim zijn omgekomen nadat zij overvallen
werden door plotseling opstekende wind. Wellicht gaat het daar dus om
hetzelfde voorval.
Simon en Saskia besloten met de auto de omgeving te verkennen. Voor
de achterblijvers werd het een middagje toepen waarbij uiteraard een
bescheiden biertje werd gedronken. Toen Simon en Saskia terugkwamen
van hun intieme reis, troffen zij nagenoeg iedereen slapend aan. Enkel
Hendrik Jan was weg en wel met een van de boten. Zijn plan was om juist
buiten de baai de boot aan een paal te binden en daar een mooie polak
te vangen. Ditmaal echter zonder succes.
Zowel Hendrik Jan als Wim gingen die dag ook nog even vanaf de rotsenwand
van de baai vissen. Met een lichte pilker wisten beiden diverse makrelen
te haken. Wim deed dit ’s avonds in de veronderstelling dat we
de volgende dag zouden vertrekken. We hadden namelijk inmiddels uit
diverse bronnen vernomen dat de wind de volgende dag ongeveer gelijk
zou blijven. Schoorvoetend werd dan ook gedurende die dag besproken
om dan maar een dag eerder te vertrekken. Welnu er was nog laadruimte
en Wim wilde graag nog wat makreeltjes meenemen.
De dag dat we (niet) vertrokken
Omdat de weersomstandigheden toch niet bijster waren hadden we ons niet
voorgenomen vroeg op te staan. De eersten die wakker werden zagen ook
direct dat er weinig verandering gekomen was in de weersomstandigheden
en de anderen werden dan ook niet gewekt. Druppelsgewijs kwam een ieder
die ochtend richting huiskamer. De vorige dag hadden we al besproken
dat we bij onveranderde weersomstandigheden zouden vertrekken en iedereen
begon dus al langzaam te pakken. Na het ontbijt werd er echt werk gemaakt
van het vertrek. Alle hengels werden afgetuigd en visspullen ingepakt.
De boten werden schoongemaakt en de auto’s ingeladen. Toen de
laatste van ons, te weten Jan, nog even ging douchen voor het vertrek,
ging de wind plots liggen…….. Simon en Johan bekeken de
situatie en bespraken in eerste instantie vluchtig maar later serieuzer
de mogelijkheid om toch nog even te gaan vissen. De anderen werden erbij
betrokken en omdat er weinig weerstand ontstond werd besloten de visspullen
toch maar weer uit te pakken om nog een vismoment te pakken. Toen Jan
werd toegeroepen onder de douche dat de plannen gewijzigd waren en we
toch nog zouden gaan vissen, lachte hij hartelijk, denkend dat wij een
grapje met hem uithaalden. Het kostte ook even moeite hem ervan te overtuigen
dat we serieus waren.
In snel tempo werden de visspullen weer uit de auto gehaald en werden
de hengels weer opgetuigd. De weersomstandigheden leken alsmaar beter
te worden en ook van Rune kregen we het bericht dat de wind nog verder
zou gaan liggen. Onder een lekker zonnetje en gematigde wind voeren
we dan ook uit naar waypoint 162 om daar wat aasvis te vangen en vervolgens
door te varen naar het vuurtoreneilandje waar we de laatste keer een
mooie bak polak en enkele haaien hadden weten te vangen. Helaas bleek
162 deze keer niet zoveel makreel te geven als de dagen tevoren. Er
werden slechts enkele aasvisjes gevangen, maar overigens nog wel een
mooie polak (Johan).
Toen het niet echt wilde lukken werd op enig moment besloten door te
varen naar het vuurtoreneilandje. Tijdens het varen ondervonden we niet
alleen dat de wind van de voorbije dag toch nog de nodige deining had
achtergelaten maar ook dat de wind weer langzaam begon aan te trekken.
De voorspelling echter was dat de wind zou gaan liggen en we maakten
ons dan ook geen zorgen en voeren gestaag door. Omdat we de wind in
de rug hadden en op de deining mee konden liften ging het van een leien
dakje.
Eenmaal aangekomen bij het eiland besloten we om achter het eiland in
de luwte driftjes te maken. Iedereen viste wel anders. De een had een
dwarrellijn met een stuk vis, de ander een shad of een pilker met een
stukje vis. Ondanks deze totaal andere vismethoden kreeg iedereen wel
beet. Er ontstonden schitterende vismomenten zoals we die zelden hebben
meegemaakt. Een grote school doornhaaien joeg namelijk rondom de punt
van het eiland en bleek een enorme voedselnijd te hebben.
We vingen tal van mooie exemplaren, vaak rond een meter groot. Hoewel
ze minder strijd gaven als de koolvissen die we op de boot van Per hadden
gevangen was het toch spectaculair binnenvissen. Bij het binnenhalen
van een gevangen haai, zwommen er soms een aantal mee die alsnog het
aas bij de gehaakte vis uit de bek wilde halen. Zo had Wim een gedrilde
haai al moegestreden aan het wateroppervlakte drijven, toen er een andere
haai over heen sprong en pardoes de lijn doorbeet zodat Wim, zoals zo
vaak, het nakijken had.
Het genieten van de mooie haaienvangsten begon op enig moment plaats
te maken voor gevoelens van bezorgdheid. We hadden namelijk gemerkt
dat in tegenstelling tot de voorspellingen, de wind juist weer was gaan
aanwakkeren. Achter het eiland manifesteerden de witte koppen zich steeds
nadrukkelijker. Dit vroeg natuurlijk om overleg tussen de boten. We
konden wachten tot de wind misschien toch nog zou gaan liggen, maar
het kon natuurlijk ook nog erger worden. In eerste instantie besloten
we te wachten, maar toen de wind alsmaar aanhield, moesten we toch de
doorsteek maken.
Het werd een helse tocht. De golven die we loodrecht moesten doorkruisen,
bereikten hoogtes van 1,5 meter en kwamen vaak kort achter elkaar. De
boten kletterden golf na golf vaak keihard op het wateroppervlakte en
het zoute zeewater sloeg met bakken over en in de boot. Vanuit de boot
van Jan en Johan kon waargenomen worden dat de boot van Hendrik Jan,
Wim en Simon op een gegeven moment bijna steil de lucht in ging om vervolgens
toch weer met de punt naar voren te duikelen.
Het traject dat normaal in zo’n 30 minuten kon worden afgelegd
duurde nu zo’n 1,5 uur. Drijfnat en moe kwamen we uiteindelijk
bij de huisjes waar Saskia natuurlijk blij was om ons weer te zien.
Er ontstond een sfeer van opluchting en blijdschap waarin nog enkele
leuke fotosessies werden gehouden. Daarnaast werd door Saskia nog het
een en ander op film vastgelegd. Vervolgens werd er overleg gepleegd.
Met name op aangeven van Simon werd besloten om die dag toch nog te
vertrekken.
Met vereende krachten werden de gevangen haaien verwerkt tot filets
en vervolgens ingepakt. Toen dat eenmaal was gebeurd werd alles weer
klaar gemaakt voor vertrek. Uitgebreid en hartelijk werd er afscheid
van Rune genomen. Wij allen waren hem zeer dankbaar voor het bijzonder
prettig verblijf dat wij hadden gehad. Om ongeveer 17.15 uur stapten
we in onze auto’s om aan de lange terugweg te beginnen. Mede vanwege
tal van files in Duitsland, zouden we er uiteindelijk zo’n 27
tot 29 uur over doen om thuis te komen. Ondanks die lange vermoeiende
reis kunnen we terugkijken op een schitterende vakantie die ons allen
nog lang bij zal blijven!
Jmaj.thielen@hetnet.nl